Informatie eikenprocessierups

Volwassen eikenprocessierupsen op eikentak

De eikenprocessierups is de larve van een nachtvlinder die zijn eitjes bij voorkeur legt in de bovenste kroonhelft van eiken.

 

Sinds 1990 heeft men in Nederland weer te maken met rupsen van de eikenprocessierups. De rups kan een bedreiging vormen voor de menselijke gezondheid. De risico's worden veroorzaakt door de vrijkomende brandharen.

 

 

 

Herkenning

De rugzijde van de volgroeide rupsen is blauwgrijs en de buikzijde groengrijs. De kop is zwartbruin. Het lichaam van de rups is bedekt met lange witte haren. Op de rugzijde heeft de rups enkele segmenten met honderdduizenden korte, zeer gemakkelijk loslatende, brandharen. Dit zijn nauwelijks met  het oog waarneembare microharen. De volgroeide rupsen kunnen een lengte bereiken van circa 3 cm. De rupsen leven altijd in groepen. De aanwezigheid van de eikenprocessierups is gemakkelijk te herkennen aan de bolvormige nesten aan de onderzijde van de takaanzetten waarin de rupsen overdag rusten en vervellen.

 

Waardplant
Zoals de naam al doet vermoeden komt de eikenprocessierups voor op eiken. In veruit de meeste gevallen betreft het zomereiken (Quercus robur), maar soms ook op moeraseik (Quercus palustris) en amerikaanse eik (Quercus rubra).

 

Verspreidingsgebied Nederland
Tot enkele jaren geleden verspreide de eikenprocessierups zich alleen onder de grote rivieren. In 2008 heeft de eikenprocessierups zich verder verspreid naar het noorden en het westen. In alle provincies (behalve in Friesland en Groningen) zijn eiken met nesten van eikenprocessierupsen aangetroffen.

 

Herkomst
De eikenprocessierups is een soort die oorspronkelijk uit het zuiden en het zuidoosten van Europa komt. De geleidelijke verandering (opwarming) van ons klimaat heeft er aan bijgedragen dat de rups zich steeds noordelijker heeft weten te vestigen. 

 

Gedrag
De soort overwintert in eipakketten op de dunnen twijgen van de eik. De kleine eipakketten zijn moeilijk vanaf de grond waar te nemen. De jonge rupsen komen half april tot begin mei uit hun ei en gaan dan tijdens hun eerste stadium in groepen op de zonzijde van de stam rusten. Als de rupsen volgroeit zijn en de bladeren uitkomen gaan de rupsen nesten vormen waar zij overdag in rusten en waaruit zij ’s nachts in processie op zoek gaan naar de uiteinden van de takken om daar voedsel te zoeken in de vorm van bladeren. Eenmaal kaalgevreten bomen worden verlaten, waarna de rupsen op zoek gaan naar een andere boom.

Tijdens de ontwikkeling van de rups doorgaat hij 6 stadia. In de laatste drie hiervan ontwikkeld de rups ongeveer 600.000 brandharen. In juli/augustus verpoppen de rupsen en verschijnen de vlinders De vlinders zoeken weer een waardplant om eieren op te leggen. Bij deze zoektocht kunnen de vlinders een afstand van ongeveer 5 tot 20 kilometer afleggen.

 

 

Gevolgen voor de boom
Voor de boom zijn de gevolgen van de eikenprocessierups niet zo vergaand als de gevolgen voor de omgeving. De eikenprocessierups eten groepsgewijs tak voor tak een boom kaal. Als de boom helemaal kaal gevreten is zoekt de eikenprocessierups een andere boom waar hij weer voedsel kan vinden. Omdat de eiken na de kaalvraat nogmaals uitlopen zijn de gevolgen in de meeste situaties niet of nauwelijks schadelijk.

 

Gevolgen voor de omgeving
De brandharen die de eikenprocessierups krijgt bij de laatste 3 vervellingen laten gemakkelijk los en de oude huidjes blijven in de nesten zitten. De brandharen werken irriterend op de huid en de slijmvliezen van ogen en ademhalingsholtes van mensen. Klachten kunnen een heftig geïrriteerde huid en ogen zijn. Daarbij kunnen de slijmvliezen in de ademhalingsholtes zodanig irriteren dat er klachten kunnen zijn met slikken en zelfs met ademhalen.

De oude haren kunnen nog 6 jaar
actief blijven en dus nog lang voor overlast zorgen. Omdat de eikenprocessierups een warmte minnende soort is komt hij vooral voor op lanen en bosranden. Daarom zijn vooral fietsers en wandelaars kwetsbaar. Daarnaast moet er voorzichtig worden omgesprongen met het hooi dat geoogst wordt in de nabijheid van eikenbomen. Het is gebleken dat hooi met brandharen bijvoorbeeld bij paarden heftige irriterende reacties teweeg kan brengen. Ook huisdieren als honden kunnen bij aanraking met afgevallen nesten heftige reacties aan de slijmvliezen vertonen.

 

Informatie verschillende stadia

Informatie verschillende behandelmethoden

Gebruikte bron deel teksten: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), GGD-richtlijn medische milieukunde: de eikenprocessierups en gezondheid, 2008

Bron foto´s: Gemeente Sittard Geleen

Gerealiseerd door Boomadviesbureau De Groot en A!tention